La Grange Verte - WijnZin - Waarom geen Bourgogne.....

Een goede wijn uit de Bourgogne proef je maar zelden. Ja er wordt veel wijn gemaakt in de Bourgogne en de streek wordt wel beschouwd als beste en mooiste wijnstreek van Frankrijk. Helaas is de praktijk weerbarstig. Door de structuur van de Bourgogne en de vererving van wijngoederen, ontstonden er - en ontstaan nog steeds - veel kleine wijngaarden; soms maar enkele rijen wijnstokken en vaak niet eens een hectare. Zo klein, dat er eigenlijk niet fatsoenlijk wijn van te maken is. De eigenaren zijn dan ook vaak wijndruiventelers, die hun oogst of jonge wijn verkopen aan wijnmakers/’opvoeders’ en wijnmakers/handelaren, in het Frans Négociant-éleveur. Die voegen de druiven van een bepaalde Appellation bij elkaar en maken er wijn van, zo ook met de premier- en grand cru wijngaarden. De kwaliteit van deze wijn loopt sterk uiteen. Sommige huizen zijn zeer selectief en zorgen voor de grote wijnen uit de Bourgogne, die dan ook spreekwoordelijk duur zijn. Anderen daar en tegen, zien meer in massa. Er staat Bourgogne op, dus verkopen doet het altijd. En dat klopt, er is nog steeds een soort van schaarste op de Bourgogne markt. Een enkele producent is groot genoeg om de productie van wijn wel zelf ter hand te nemen en dit zijn vrijwel zonder uitzondering de betere huizen en ook duur. De kleine wijnboeren die zeer kleine oogsten vinifiëren... hoedt u.


Wat ook gebeurt in de Bourgogne, is dat de wijnbouwers de druivenproductie opdrijven, want meer druiven betekende meer flessen en dus meer inkomen. Voor min of meer dezelfde kosten. Dat daardoor de kwaliteit van de wijn 'verwatert', wordt gecamoufleerd door suiker toe te voegen tijdens de gisting, wat het alcoholgehalte en de body van de wijn verhoogt. Maar een neveneffect daarvan is dat heel wat bourgognes eerder aan snoep dan aan fruit doen denken.


Daar komt nog bij dat heel veel wijnmakers in de Bourgogne het niet zo nauw nemen bij de vinificatie en veel wijnen uit de Bourgogne gebreken vertonen. Deze situatie wordt door de BIVB (Bureau Interprofessionnel de Vins de Bourgogne) zelfs verontrustend genoemd. Sommige problemen zijn terug te voeren tot TCA (trichlooranisol) ofwel mufheid als gevolg van mindere kwaliteit kurken of dat er problemen ontstaan door een verkeerde opslag van de wijn. Het kan nog erger: Bourgognes die naar vuil hout ruiken en smaken. Dit is weer te wijten aan een gebrekkige hygiëne in de wijnkelders. Het wordt maar al te vaak gepareerd met de uitspraak, dat een echte bourgogne een beetje moet stinken; ‘animale’ aroma's of een ‘stalletje’ moet hebben, terwijl het eigenlijk om onzuivere wijnen gaat. Bourgogne teert op oude tradities, waarbij men vergeet in nieuwe- en hygiënische wijntechnologie te investeren. En hier komt ook weer de vererving om de hoek kijken: heel wat Bourgondische wijndomeinen zijn te klein om überhaupt te investeren.


Ook werd de grootste erfenis van de Bourgogne, haar ‘terroir’, op het spel gezet. Nieuwe chemische producten boden in de jaren ‘60 de wijnbouwers de mogelijkheid om ziektes en insecten te bestrijden en met veel minder inspanning dan voorheen. Maar daardoor werd de grond zwaar vervuild, wat zich natuurlijk in de wijnen weerspiegelt. Er waren op een vierkante meter Sahara meer insecten te vinden dan op een vierkante meter Bourgogne wijngaard…. Ook hebben een reeks schandalen de Bourgogne op achterstand gezet.


Niet voor niets is de BIVB het ‘Project Bourgogne’ gestart, dat moet leiden tot een sterke verbetering van de kwaliteit van de bourgognewijnen. Het is een ambitieus plan, waarbij sjoemelen en frauderen door strenge controles worden opgemerkt en bestraft. Een afgekeurde wijn..., dan blijft dat bedrijf de eerstvolgende twee jaar nauwgezet onder controle. Wordt de wijn voor een tweede keer afgekeurd, dan wordt de zaak overgedragen aan de politie. Op deze manier hoopt men een stok achter de deur te hebben om kwakzalvers te bestrijden.


We moeten natuurlijk niet alle wijnbouwers over een kam scheren. Er zijn nog steeds wel Bourgognes te vinden die zeer zijn te genieten, ook van handelshuizen. Maar deze wijnen zijn zonder uitzondering erg duur en passen niet in het assortiment van La Grange Verte Wines als het gaat om prijs/kwaliteit verhouding. Diegene die dat wel doen (interessante prijs), passen niet bij het hoge kwaliteitseisen die wij aan onze wijnen stellen.


Je krijgt al snel een liefde-haat-verhouding met de Bourgogne. Het kan zo mooi zijn, maar meestal heel teleurstellend en te duur. Zo ook bij de laatste proeverijen die wij hebben bezocht in Amsterdam en Huy (België). Zonder uitzondering Bourgognes die niet kloppen. Muf, snoepjes, dun, veel te veel (oud) hout, hoog in de zuren, pas in de hogere regionen begonnen ze enigszins te smaken. Inmiddels zaten we wel op Grand-Cru niveau, en volgens ons eigenlijk zoals een generieke Bourgogne kan en zou moeten smaken. De echte en onbetaalbare Grand Cru’s van ongeschonden terroir, die zorgen nog steeds voor de goede naam. Wij proefden een Grand Cru tijdens de najaarsproeverij van Perswijn in Kasteel Wittenburg bij een veilinghuis..... onvergetelijk lekker!


Enkele handelshuizen om te onthouden zijn: Latour, Jadot, Bouchard, Drouhin, Bichot en Faiveley, die vaak ook zelf wijngaarden bezitten.


Voorlopig geen Bourgognes in ons assortiment, of we moeten die ene tegenkomen die alles hierboven gesteld logenstraft! Dan melden we ons direct.


















Terug naar WijnZin en onZin